De kepie onderdelen

Kepie onderdelen

Biezen
Pluim
Knoop
Stormriem/band
Kokarde
Zweetband

De Biezen

De knoop

De kokarde

De kokarde is een embleem/ insigne, wat voor op de kepie is bevestigd en is ontstaan vanuit de militaire traditie. Het dragen van een symbool van overtuiging, identiteit, of verbinding is al vanaf de begin van de mensheid. Vanuit de militaire traditie, is de kokarde in een primaire vorm, als rozet op schilderijen afgebeeld.

Vermoedelijk heeft de kokarde, voor de Bataafse revolutie zijn werkelijke vorm gekregen. Voor de revolutie, was het land verdeeld en men wilde uiting geven aan de hun voorkeur. De Oranjegezinden droegen een oranje rozet en de patriotten de kleuren van de Franse revolutie. De kokarde was een vorm van een rozet wat op de hoed werd gedragen.

De kokarde is gemaakt van blik, zijde, of metaaldraad, dit naar gelang de rang van de drager. Het midden van de kokarde, wat het hart wordt genoemd is van oranje. De oranje kleur staat symbool voor de verbinding met het koningshuis, der Nederlanden Oranje-Nassau. Onder de kokarde is een lis welke aan de onderkant met een (stift)knoop aan de kepie is bevestigd. De kokarde werd niet alleen op de kepie gedragen, maar ook op de kolbak, de pet, de talpa en de shako.

De pluim

De stormriem/band

Zweetband

De reguliere kepie was voorzien van een leren zweetband. Deze was voor het comfort, in het dragen van de hoed. Het zorgde dat de binnenzijde zacht was en eventueel transpiratievocht ( zweet) werd opgenomen. De lerenband van zacht dun tuigleer, wat ongeveer 3,5 centimeter breed was, met een omslag van 1 centimeter wat rondom in de kepie was genaaid. De kleur van de band was over het algemeen naturel, voor zowel de groen- grijze- en zwarte kepie, maar er zijn voorbeelden waarbij de band grijs van kleur was.

Voor een groot aantal grijze manschappen kepies, werd in plaats van de leren zweetband, een linnen of karton gelakte band gebruikt. Vermoedelijk was dit om kosten te besparen en omdat de kepie niet frequent werd gebruikt zoals de manschappen hun meerdere. Immers de kepie mocht alleen met uitgaan worden gebruikt, met uitzondering van de aangewezen onderdelen, maar deze hadden een kepie met een leren zweetband.

Voor alle eigenaren van de kepies, tijdens het interbellum, was er de mogelijkheid om in de zweetband aluminium ovale plaatjes te prikken, met de intialen van hun voor- en achternaam. Een goedkopere oplossing was de naam aan de binnenzijde van de zweetband te schrijven. Dit gebeurde meestal met potlood, ballpoints waren er nog niet en met inkt was de kans op doorlekken groot.

Sommige kleermakers, persten hun bedrijfsnaam in reliëf in de zweetband, dit naast hun bedrijfslogo in de bol van de kepie.

In de tropen, waar het Koninklijk Nederlands Indisch Leger, de kepie model 1895 droeg, waren er die aan de voorzijde op de zweetband een strook van zacht absorberende stof droeg. Dit was om het zweet op te vangen.

Bij speciale gelegenheden werd op de kepie een pluim gedragen. De pluim was gemaakt van hangende hanenveren. De veren aan de voorzijdezijn langer en waren aan elkaar genaaid. Onder aan de pluim zat een pluimkoker, een tulpje genoemd. Men had op de kepie zwarte en witte pluimen, dit naar gelang dienstvak/onderdeel. De pluim was overgenomen van de shako, deze werd door subalterne officieren gedragen op de shako van de Jagers, de grenadiers enzevoort. Hierbij een afbeelding van een Jagers kepie Model 1865 (eigen collectie). De pluim werd alleen door de offcieren gedragen en dan ook alleen maar op de zwarte kepie.

 

De Witte pluim.

 De Zwarte pluim

 Tulpje onder de pluim.

Onder de pluim een verguld tulpje. bevestigd Dit tulpje omvat de onderzijde van de veren. Op deze foto is duidelijk de pen te zien welke achter de kokarde werd geschoven. Het tulpje is goud verguld.

 De pluim op de kepie:

De pluim werd met de ijzeren pen achter de kokarde gestoken, waarna de pluim over de kokarde hing. Hierbij is de kokarde niet meer zichtbaar. Deze pluim staat op een kepie van een subalterne officier van de infanterie.

 

Een foto van het Prinselijk paar, omstreeks september 1938. Prins Bernard draagt een uniform van kapitein (Ritmeester) Cavalerie. Hierbij draagt hij op de kepie een zwarte pluim.

  Een officier van de infanterie met een kepie op zoals boven is beschreven.

Bewaarkokers Kepiepluimen:

De kepiepluimen werden bewaard in kokers. Hierdoor behielden de pluimen de vormen en werden niet beschadigd. Meestal werd de koker voozien van een label, waar de naam van de eigenaar op stond.

 Men kende twee soorten kokers, de metalen koker en de kartonnen koker. De koker is voorzien van twee doppen. Dit is om de pluim op te bergen. Men kon de pluim met de bovenzijde in de koker laten glijden. Bij een volgend gebruik, kon men de koker aan de anderzijde openen, waar door men de pluim er weer makkelijk uit kon halen.